Een syndicaat

Ina voelt zich niet meer gloeien van geestdrift zoals vroeger. Ze leest onverschillig zoals ze ‘n aankondiging van Swann-vulpennen, Singer-naaimachines of zelfrijzend meel zou lezen.

BROEDERLIJKHEID! SOLIDARITEIT! GELIJKHEID!

Ze denkt aan de cynische filosofie van Kurt. Kurt die leeft niettegenstaande z’n hart verscheurd wordt elke dag, elk uur, elke stonde door het hunkeren naar het onbereikbare. Kurt die brutaal en honds alles kapot gooit om niet te tonen hoe sentimenteel hij is.

Toen Ina hem destijds tot het communisme wilde overhalen langs de weg van het syndicalisme om, antwoordde Kurt plechtig: ‘n syndicaat o meisje is ‘n mooi ding! Voor arme stumperds met versleten schoenen en vuile halsboordjes. Het syndicaat der winkelbedienden is uitermate mooi o meisje Ina! Doch onderstel dat ik door erfenis, loterij of één of ander wettig middel in het bezit kom van veel geld, en aandeelhouder word van “Cé&Cé”. Dan o meisje verandert het aanschijn der dingen. Dan wordt het syndicaat der winkelbedienden iets gevaarlijk. Iets dat me schaadt. Dat me hindert bij het berekenen mijner procenten en dividenten; en daar ik bij deze hoogst interessante bezigheid niet wil gestoord worden, zal ik trachten dit syndicaat te breken gelijk deze lucifer. Weet o meisje dat alles relatief is. Wat nu goed is, is morgen slecht; wat nu verkeerd is is morgen oprecht. Niets hangt af van het standpunt dat men inneemt maar alles hangt af van de maatschappelijke positie die men bekleedt, van het al of niet bezitten van ‘n verlangd voorwerp, van het al of niet voldaan zijn van één of andere natuurlijke of kunstmatige behoefte.

Nemen we ‘n auto. ‘n Auto is mij nu ‘n euvel. Omdat ik er geen bezit. Omdat: wanneer het regent hij m’n klederen bespat; wanneer de zon schijnt me met stof begiet. Omdat hij me doet uitwijken of me plet tot brij. Omdat z’n getoet me hindert. Veronderstel dat ik ‘n auto bezit. Dan o m’n aanbiddelijke, verandert alles. Dan wordt ‘n auto mooi, nuttig, noodzakelijk. Want dan voel ik de harteklop van de levende motor. Dan zie ik het rillen van z’n stalen ziel. Dan hoor ik het zingen van z’n verhitte longen. Z’n getoet doet me huiveren als ‘n symfonie van Beethoven.

Ze herinnert zich nog wat ze hem antwoordde: Cynisch zwijn. Bah, zo te praten over de schone droom onzer proletarische idealisten die stierven voor hun idee. En het onmiddellijke antwoord van Kurt: Dank U. Niet voor het zwijn! (arm beledigd rozig zwijntje!), maar omdat je me niet voor idealist verslijt. Idealisme is ‘n zondag-liefhebberij voor mensen met veel vrije tijd, weinig geld en generlei ambitie. Jammer voor jullie dat je dit niet begrijpt. Want je zou je vrije tijd zo niet moeten verpraten. Footing is zo gezond.

En daarbij: het is makkelijker voor ‘n ideaal te sterven dan er voor te leven. Het ene vergt slechts ‘n ogenblik, het andere ‘n leven!

Wat mij betreft ik voelde nooit iets voor naseizoense rederijkersliteratuur voor zeer kleine kinderen. Nu collectionneer ik nog alleen foto’s van geguillotineerde misdadigers (verbazend leuke koppen). Hetgeen veel interessanter is en veel bijdraagt tot m’n algemene ontwikkeling.

Natuurlijk heeft Kurt ongelijk. Ina is daar innig van overtuigd. (Is ze er wel zo vast van overtuigd of wil ze slechts geloven zonder denken!).

Advertenties

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: