Kleurige paddestoelen

Dit is wederom droom. Werkelijkheid is de vieze slaaplucht, de bouwvalligheid van die ene withouten kast en het krantenpapier tegen de gebarsten ruit. Ook door bruine ogen blinkt de kamer bruin.

Ina is nog niet helemaal wakker. Doch reeds te wakker om nog slapende te zijn. (In deze toestand schrijft ‘n dichter ‘n vers). ‘n Scheepsfluit stoort de droom.

Die breekt als… (nemen we ‘n glas.)…

In haar mond voelt ze de kleverige smaak van bier en in haar bruine holle tand steekt nog ‘n stukje zurig brood. Ze werpt de onzuivere dekens achteruit, rekt zich uit en stapt langzaam uit het bed en uit de droom. Ze spoelt zich de mond met water en spuwt het stukje brood uit. Het is zwart geworden.

Ze kijkt door het venster van haar kamer, zes verdiepingen hoog. En ziet: de straat, de mensen. Klein als de poppetjes uit ‘n marionettenspel. Blauw, geel en rood. De huizen uit de blokkendoos staan netjes zij aan zij. Er zijn er vele kleine en één groot. Daartussen glijdt de tram versierd met kleurige vlaggetjes en reklamen. Hier en daar staat ‘n boompje in ‘t groen en in ‘t midden van ‘t pleintje ‘n fonteintje. De zon schijnt op de huizen. De zon schijnt op de rin-tin-tinnende tram. De zon schijnt in het water. De goudvissen blinken. De mensen nochtans lopen in de schaduw van de “Bouw- en Leningsbank”.

Vanuit ‘n zes-verdiepen hoge zolderkamer schijnt de wereld idyllisch. Minstens: schoon. Ina zucht en rekt zich als ‘n kat. Ze giet water in de blikken kan. Het water bruist als ‘n zee in miniatuur. Ze trekt het grauwe nachthemd over het hoofd. Haar naakte lichaam kaatst zich veelvuldig terug in de spiegel, de nikkelen koffiekan, het lege waterglas.

Ze aanschouwt zich in de spiegel en knijpt met de nagel van haar beide wijsvingers ‘n zwart vetstofje uit de linkerwang. Daarna wrijft ze over haar rechterkuit. Ze steekt de tong uit en bekijkt ze aandachtig: rood. Het Engels zout zal dus voor deze morgen nog niet zijn. (Hetgeen mij ‘n moeilijke beschrijving bespaart!).

Ina wast zich. Wast zich het gelaat, de hals, de armen en de borsten. Enige waterdruppels lopen langs de witte rug verloren. Ze rilt als bij de onbehendige aanraking van ‘n jonge man. Bewust laat ze nog enkele waterdruppels over haar schouderblad glijden. En bloost.

Op het gaskomfoor zingt het kokende water ‘n melancholisch dodenlied. Ina kamt haar dikke haar. Dat in sierlijke golvingen langs haar schouders valt. Met haar natte wijsvinger wrijft ze haar wenkbrouwen glad en trekt zich ‘n haartje uit de neus. Daarna poedert ze zich en verft haar lippen met ‘n goedkoop rood.

Fabrieksschouwen gillen. De dag begint. Haastig slurpt Ina de warme lichtbruine koffie op en smeert zich ‘n stapel boterhammen die ze in ‘n krant wikkelt. Ina trekt ‘n hoedje met ‘n veertje over het hoofd en haalt haar kousen op. Die zeer doorzichtig zijn en op de hoogte van de enkel ‘n moedervlekje laten vermoeden.

Ze sluit de deur en gaat vlug naar beneden. Voor elke deur ligt ‘n krant en staat ‘n fles melk.

Al de deuren staan op ‘n kier. In de ene kamer vloekt ‘n man zachtjes om ‘n verloren halsboordje. In ‘n andere twisten ‘n nauwelijks geklede vrouw en ‘n flepse man. In éne staan ‘n man en ‘n jonge vrouw aan de deur en kussen elkaar hartstochtelijk, als na ‘n lange scheiding. Ina vindt het aandoenlijk als ‘n Duitse film met Emiel Jannings in de hoofdrol. Hetgeen zeer vleiend voor beide verliefden is.

Ina slaat de voordeur achter zich dicht. Het regent. Voor haar ligt de straat met haar genummerde huizen, zon- en schaduwkant, weggeworpen sigarettendoosjes. De stad is ‘n reusachtig veld kleurige paddestoelen.

Advertenties

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: