Toto

’n Zeepbel die glinsterend uiteenspat, ’n krekel die kirt, de sirene van ’n transatlantieker, kranen die grijpen boven onze hoofden, het doffe gerommel van ’n tamtam, het eentonige gezang in ’n Indische moskee.

Kurt is gek. Beslist. Doch: geniaal-gek. Ergo: poëet. Onbewust: de eerste absolute poëet.

Kurt leest ’n boek. Plots heeft ’n woord ’n bijzondere klank voor hem: scheermesje, Cadum-zeep, Toto. Het blijft niet langer ’n woord. Het leeft, staat in het midden van ’n regel, krijgt omvang, proportie. Stapt uit de regel en buigt het hoofd (het is lenig en elastisch). Kurt grijpt het vast er werpt het in de vijftonige notenbalk van z’n sentiment waar het van de ene balk trillend op de andere valt. De trillingen die het daardoor veroorzaakt vormen ’n vers. Als hij de laatste triller uitgeperst heeft werpt hij het weder in de regel. Het glijdt van de ene toonkoord in de andere en verwekt nogmaals dezelfde trillingen in omgekeerde orde.

Nemen we Toto. Tot dan toe was Kurt beslist normaal. Met het woord “toto” begint de abnormaliteit. Toto werkt op Kurt als de rode lap op de stier. Kurt werpt zich op Toto. Het beroemde huis Cé en Cé, geroemd, geprezen, ongeëvenaard. Al de grote huizen hebben ’n bijhuis. Alleen het ouderlijk huis heeft er geen. Hoe jammer!

Advertenties

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: